Noord-Holland
Wandelgebieden
Een persoonlijke selectie.
1. Eilandspolder
Vlakbij Graft en De Rijp ligt de Eilandspolder, een veenweidegebied met enkele kleine droogmakerijen en een gevarieerd verkavelingspatroon. De polder, ingeklemd tussen de Beemster en de Purmer, is relatief onbekend bij het grote publiek, maar geliefd bij insiders. Enkele jaren geleden eindigde de Eilandspolder bij een onderzoek van de Volkskrant zelfs in de top-3 van mooiste polders in Nederland.
In de polder liggen een paar eeuwenoude (lint)dorpen. Er is geen grootschalige woningbouw. Grote delen van het gebied zijn in het bezit van natuurbeschermingsorganisaties en worden vooral door boeren beheerd. De natuur bestaat in het oosten uit rijke weidevogelgebieden en rietlanden. In het westelijk deel zijn de kavels groter en is de landbouw intensiever.
Door de Eilandspolder gaat een officiële LAW: het Trekvogelpad. Een mogelijke dagwandeling is de etappe van Heiloo naar Graft en De Rijp, al is het deel voor Akersloot beduidend minder interessant.
2. Texel
Weinig mensen weten dat Texel in 1415 stadsrechten kreeg. Texel is daardoor met zijn 216 km2 niet alleen het grootste Waddeneiland, maar in oppervlakte waarschijnlijk ook de grootste stad van Nederland. Het eiland lijkt qua landschap op een verlengstuk van de rest van Noord-Holland. Toch heeft het zijn eigen charme. De variatie aan landschappen is enorm.
Sinds 1 mei 2002 heeft Texel een officieel nationaal park (www.npduinenvantexel.nl). Het park is circa 4300 ha groot en beslaat het hele Texelse duingebied, inclusief zandplaat De Hors, de Texelse bossen en de Slufter. Het nationaal park laat veel verschillende landschappen zien met natte duinvalleien tussen droge duinen, bossen, heidevelden, kwelders en een uitgestrekte zandvlakte. Er bevinden zich zeldzame flora, zoals de roerdomp en het baardmannetje, en fauna, zoals de guichelheil en het wasplaatje.
Vooral de Slufter, die in open verbinding staat met de Noordzee, is bekend. Dit gebied bestaat uit een krekenstelsel, dat soms na een storm onder water loopt. Kenmerkend is de kweldervegetatie met planten als zoutmelde, zeekraal, de zeealsem en het lamsoor. In de zomer kleuren de bloemen het hele gebied prachtig paars.
Jac. P. Thijsse geldt als dé ontdekker van de Slufter als natuurgebied. Aan het begin van de 20e eeuw waren diverse pogingen mislukt om er een landbouwpolder van te maken. Mede door zijn pleidooi werd besloten het zeegat open te laten. Het grootste deel van de Slufter wordt nu als vogelreservaat beheerd; alleen het zuidelijke gedeelte is vrij toegankelijk.
3. Noord-Hollandse duinen
Aan de westkant van Noord-Holland liggen twee duingebieden, het Noord-Hollands Duinreservaat en het Nationaal Park Zuid-Kennemerland. Ze liggen globaal tussen Zandvoort en Schoorl, en worden slechts onderbroken door het Noordzeekanaal. Auto's komen er niet en dat betekent in alle rust wandelen over tientallen kilometers paden en wegen. Het is er in alle jaargetijden even mooi.
Beide gebieden worden beheerd door het Provinciaal Waterleidingbedrijf Noord-Holland, in opdracht van de provincie Noord-Holland. Ze hebben elk een bezoekerscentrum. Wandelmogelijkheden in deze duinen staan verderop deze pagina.