artikelen
Alle wegen leiden naar Santiago
Alle wegen leiden naar Santiago. In ieder geval zóveel wegen, dat het voor de aspirant-pelgrim moeilijk kiezen is. Welke wandelroute kan hij het best nemen? Hoe komt hij aan de informatie daarover? Hoe plant hij zo'n tocht van ruim 2700 kilometer? Hieronder probeer een reisboekhandelaar enig licht in de duisternis te scheppen, op basis van zijn eigen ervaringen in de winkel en die van collega's en klanten. Ter vermijding van al te saaie, lelijke of geasfalteerde trajecten en de naar verwachting grote stroom Santiagogangers in dit heilige jaar 1999 suggereert hij drie weinig bekende alternatieven.
(tekst: Vladimir Mars, met toestemming overgenomen uit: Wandelkrant 'te voet', ca. 2000)
'Bestaat er een wandelgids voor de Sint-Jacobsroute naar Spanje?' Dat is vaak de eerste vraag die Santiagogangers in spe bij ons in de winkel stellen. Nee, die is er niet. Want er leiden vele wegen naar de plek waar de apostel Jacob begraven ligt. Tientallen zelfs. Niet alleen vanuit de Lage Landen, maar ook vanuit Engeland, Duitsland, de Alpenlanden, Portugal en Zuid- en Oost-Spanje. Een heel netwerk van hoofd- en bijroutes, sinds de middeleeuwen al. Niet al die historische routes zijn goed gedocumenteerd en in kaart gebracht, integendeel.
Slechts van enkele gereconstrueerde, voor en door wandelaars aangepaste en gemarkeerde trajecten bestaat er goede documentatie. In de vorm van praktische, bij-de-tijdse gidsen met topografische routekaarten zoals wij dat gewend zijn van de vaak goed gemarkeerde en bijgehouden Lange-Afstand-Wandelpaden (LAW's) in Nederland, Grote Routepaden in Vlaanderen, Grande Randonnées in Frankrijk en Senderos de Gran Recorrido in Spanje (GR's).
De pelgrim zij vooraf gewaarschuwd... Hij moet er wat voor over hebben. Niet alleen onderweg maar ook 'voordeweg'. Want het voorspel heeft zo zijn bekoringen... Sterker nog: 'Insiders beweren dat de voorbereiding van een tocht nog boeiender is dan de wandeling zelf', aldus Herman van Hilst in zijn gidsje 'Onderweg naar Santiago' (p. 15). Hieronder een korte inventarisatie, gevolgd door suggesties voor routes, kaarten, gidsen, overzichten en catalogi. Toegespitst op drie aanlooptips: voor een betrekkelijk korte, lage en makkelijke westroute, een langere en zwaardere oostroute door België en Frankrijk en een meer bergachtige 'Camino del Norte' over GR's door de Cordillera Cantabrica. Een goed alternatief voor de hete en asfaltrijke hoofdroute, 'El Camino Francès' over de dorre Castillaanse hoogvlakte tussen Logrono en Astorga.
aanloop Pyreneeën
Er is tot dusver weinig bekend over de historische Sint-Jacobsroutes vanuit de Noordelijke Nederlanden. Wel is men hier en daar bezig met reconstructies voor de wandelaar: zoals in Friesland, waar al een stukje Jabikspaad tussen Sint-Jacobiparochie en Franeker gemarkeerd is. De hedendaagse pelgrim kan het beste diverse LAW's aan elkaar koppelen. Maar dan moet hij vóóraf bepalen hoe hij door Frankrijk heen de Pyreneeën wil bereiken: via de west-, midden-, noordoost- of zuidoostroute. Min of meer in aansluiting op de vier historische hoofdroutes bijvoorbeeld: die van Parijs, Vezelay, Le Puy naar Roncevalles of van Arles naar de Col du Somport. De twee laatste routes hebben het voordeel goed voorzien te zijn van topogidsen. De Arles-route voert langs Toulouse, vandaar de vroeger door Provençaalse en Italiaanse pelgrims gebruikte term 'Via Tolosona'. De aanloop van deze bij ons minder bekende zuidoostelijke route voert over een betrekkelijk lange afstand via bestaande GR's.
Hoewel de Parijs-route via Tours (vandaar de term 'Via Turonensis'), Poitiers en Bordeaux ook weinig in trek is, stel ik toch voor dit historische traject links te laten liggen. En wel om twee redenen: ten eerste is er hier geen zuidwaartse, aaneengesloten GR-route te vinden en dus ook geen topogidsen. Ten tweede kan de wandelaar Parijs en zijn voosteden beter mijden als de pest. Als alternatief adviseer ik een meer westelijk gelegen 'bijna-kustroute' naar de Spaanse grens bij San Sebastian, in aansluiting op enkele Spaanse GR's langs en door het Cantabrische kustgebergte. Lekker kort door de bocht! Nadeel is het gebrek aan topogidsen, maar daar valt wel een mouw aan te passen zonder dat het bedrag aan kaarten de pan uitrijst.
1. Westroute
De ca. 1500 kilometer lange westroute loopt evenwijdig of direct langs de Vlaamse en Franse westkust, in een grote slinger om Parijs heen. De pelgrim uit Nederland kan het beste via een LAW vanuit zijn startpunt aansluiten op het zuidelijke Grenslandpad LAW 11 tussen het Zeeuwse Sluis en Brabants Valkenswaard. Dan in Vlaanderen overstappen op de Schelderoute GR 122 en bij Gent op de GR 128: een aangepaste variant van de 'Niederstrasse', de terugweg voor Duitse pelgrims van Santiago richting Aken (de 'Oberstrasse' of heenweg ging via Bern, Genève, Rhônedal, Carcasonne en Toulouse).
In Frans-Vlaanderen, onder Calais overstappen op de kustroute: de GR du Littoral. Aan het eind zelf een doorsteek maken langs de baai van de Somme naar het startpunt van de Normandische GR 21 bij Le Tréport. Aan het eind, in Le Havre met de nieuwe brug over de Seinemonding naar Honfleur en daar de GR 223 als kustdeel van de Tour du Pays d'Auge oppakken. Deze volgen tot Villers sur Mer en zelf langs de kust verder naar Quistreham; daar met de GR 36 zuidwaarts langs Caen om zo de Bretons uitstulpingen in het westen te vermijden. Vanaf Le Mans de nu gidsloze GR 36 met behulp van kaarten blijven volgen tot Niort; daar de 36 verlaten en zelf met de kaart een doorsteek maken naar Rochefort en de GR 4.
In Royan met de pont over de Garonne en weer zelf een weg zoeken over strand, bos- of fietspaden naar Arcachon in Les Landes en daar de GR 8 nemen naar Urt aan de Adour. Vandaar zelf doorsteken, deels via de GR 10 naar de grens bij Irun/Hendaye, aansluitend bij het Spaanse GR-netwerk. Dan is het nog zo'n 700 kilometer lopen naar Santiago. In totaal, vanaf Zeeland 2200 kilometer, de kortste route dus. Te verdelen in 88 etappes van gemiddeld 25 kilometer per dag, in 12 à 13 weken tijds of ruim 3 maanden.
2. Oostroute
De ca. 2000 kilometer lange oostroute knoopt in het oosten van België en Frankrijk onbekende pelgrimswegen vast aan GR-routes. Met bijvoorbeeld Pelgrimspad LAW 7-I en 7-II naar Valkenswaard en daar met de Vlaamse Limburgroute GR 562 richting Maastricht. Bij Lanaken een stukje GR 5 nemen naar Luik, alwaar twee gemarkeerde Waalse Compostela-routes langs de Maas via Namen en Dinant in het Frans-Ardense Givet eindigen. Of als alternatief met echte topogidsen: via de GR 57 vanaf Luik langs de Ourthe tot Hotton en daar overstappen op de GR 577 naar Beauraing.
Dan met de kaart in de hand zelf een doorsteekje maken naar de GR 126 en in Membre langs de Semois een stuk met de GRAE (Ardennen-Eifel) mee tot Bouillon. Daar met de gidsloze GR 14 via Sedan zuidwaarts door de Argonnen naar Bar-le-Duc. Overstappen op de deels gidsloze GR 714 richting Vogezen, om in Vittel met de GR 7 (beter gemarkeerd dan de evenwijdige GR 3) weer zuidwaarts af te buigen, af en toe voorzien van gidsen.
Door Bourgondië langs Dijon en St. Etienne, door de heuvels en het middengebergte van de Pilat, Ardêche en Cevennen helemaal naar het Canal du Midi. Om daar een variant van de 'Chemin d'Arles', de GR 653 te nemen en via Toulouse de Col de Somport (1631 m) in de Pyreneeën te bereiken. Sla daar, in Candanchu de Spaanse bergroute GR 11 in en ga dwars door de westelijke uitlopers van de Pyreneeën naar de kust bij Irun, om zo aan te sluiten bij de hieronder voorgestelde Camino del Norte.
Totale lengte naar Santiago, vanaf Brabant: 2700 kilometer, te verdelen in pakweg 108 etappes van gemiddeld 25 kilometer per dag, in 16 weken of 4 maanden tijds.
3. Camino del Norte
Dit traject loopt in Spanje ca. 700 kilometer evenwijdig aan de groene kust van de Golf van Giskaje, de 'Costa Verde' en duikt af en toe het Cantabrisch gebergte in. Het is dus deels een 'Camino de la Costa', zoals de naam van de Santiago-route hier vroeger luidde, en deels een 'Camino Alto', hoog en bergachtig. In ieder geval een avontuur op zichzelf en erg geschikt om in een aparte zomervakantie te ondernemen.
Lang niet alle gekozen GR's zijn (goed) gemarkeerd of van een topogids voorzien, al doen de betrokken bergsportverenigingen hun best. Ook de kwaliteit van de markering en gidsen is wisselend, zodat de wandelende pelgrim er soms detailkaarten bij zal moeten kopen. De aanschaf van de overzichtskaarten als de topografische 'Mapas Provinciales' 1:200.000 is sowieso geen overbodige luxe.
Neem bij de grensstad Irun de noordtak van de Baskische rondtocht GR 121 in westelijke richting, langs San Sebastian. Bij Ondarroa overstappen op het kustdeel van de Ronde van Biskaje, de GR 123; boven Bilbao langs en nog vóór Lanestosa een eigen doorsteek maken naar Ramales de Victoria aan de Cantabrische grens, startpunt van de GR 74 naar Barcelona de Pie de Concha. Vandaar met de GR 71 door het natuurpark van Saja naar Sotres, aan de noordkant van de Picos de Europa.
Vervolgens met detailkaarten zelf een weg zoeken naar de aloude Asturische bedevaartsplaats Covadonga, alwaar de 'Ruta de las Peregrinaciones', een gemarkeerde pelgrimsroute, als GR 105 naar Oviedo loopt. Het laatste stuk richting Santiago moet men met behulp van kaarten zelf uitstippelen. Men zou daarbij een historische Santiago-route als leidraad kunnen nemen: de geplande GR 65.7 naar Grandas de Salime, bij de grens met het groene, heuvelachtige Galicië. Daar vandaan onder Lugo langs lopen en bij Palas do Rei of Portomarin aansluiten op de hoofdroute, El Camino Francès, om na 700 kilometer in totaal, ofwel 28 etappes van gemiddeld 25 kilometer per dag, in Santiago aan te komen.
© Wandelkrant 'te voet'